Politiestaking in Salvador 02/15/2012
'De politie is in staking in Salvador!', riep Eliana uit. We stonden op het busstation van Valenca om na een tiendaags bezoek aan het elegante eiland Boipepa terug te keren naar de drukte van de stad. Een vrouw voor haar in de rij voor het loket had na het horen van het nieuws onmiddellijk besloten om de reis te annuleren en via haar hoorden we nu wat er zich afspeelde in de hoofdstad van Bahia. 'De politie in staking in Salvador?', herhaalde ik.'Wat??' Dat kan toch helemaal niet? Geen weldenkend mens zou toch ook maar een enkele seconde overwegen om deze gewelddadige stad aan zijn lot over te laten? Die aankondiging zou in Nederland zoiets zijn als in de media te laten weten dat bij de volgende wedstrijd tussen Feyenoord en Ajax geen politie aanwezig zal zijn. Zoek het maar uit. Het recept voor een orgie van geweld. Ik was stomverbaasd en dacht aan Pelourinho. Het historische centrum van de stad zonder beveiliging van de Policia Militar? Ik ben niet bang uitgevallen maar daar ging ik me dan niet wagen. Maar, maar...dat kan toch helemaal niet? 'Wat doen we?', vroeg Eliana. Ik probeerde mijn gedachten te ordenen. Terug naar Boipepa was geen optie. 'Wanneer is die staking begonnen? 'Gisteren.' 'Wat gebeurt er in de stad? 'Wat denk je? Moord en beroving, ook door de politie zelf. Niet te geloven. De de bussen rijden niet meer. Iedereen is bang. Que disgraça.' Vol ongeloof schud ik mijn hoofd. Telkens wanneer ik dit soort dingen in Brazilië hoor kan ik er met mijn verstand niet bij en lijkt de ernst van de situatie maar nauwelijks tot me door te dringen. Zo'n mooi land met zoveel ellende net onder de oppervlakte. Ik moet denken aan een zin in mijn boek: ' Maar wat is hier normaal? Wat gaat er allemaal schuil achter die façade van zon, strand, zee, samba en voetbal' (pagina 105). 'Koop de kaartjes maar. We gaan naar Itaparica en nemen daar een hotel en kijken vanavond naar het nieuws en dan zien we wel verder.' Met de zonsondergang zit ik met een koud biertje op de galerij van de eerste verdieping van een goedkoop hotelletje in Mar Grande. Ik kijk naar het grillige silhouet van Salvador aan de andere kant van de Allerheiligenbaai. Eliana roept me: het journaal begint. Wat we horen over de gruwelijkheden die zich afspelen tijdens een politiestaking voor meer salaris gaat alle menselijkheid te boven. Voor Pelourinho ben ik niet meer zo bang: het leger wordt ingezet en bijna 3000 militairen zijn onderweg naar Bahia. We blijven nog een dag op het eiland en vertrekken op zondag naar Salvador. De screamer van de krant ( MASSA!) die we kopen liegt er niet om: 'MOGE GOD SALAVDOR BESCHERMEN!' De afgelopen week is de staking na twaalf dagen beëindigd. De Policia Militar krijgt een loonsverhoging van 6.5 procent. Geen enkele van de stakers zal worden vervolgd en over de moorden die door hen zijn gepleegd zullen weinig woorden meer vuil worden gemaakt. Brazilië: misschien wel het mooiste land ter wereld maar met een politiek, justitieel en politie-systeem dat stinkt als het ergste riool. http://www.nieuws.nl/682963 . 'MOGE GOD SALAVDOR BESCHERMEN' De afgelopen week is de staking na twaalf dagen beëindigd. De Policia Militar krijgt een loonsverhoging van 6.5 procent. Geen enkele van de stakers zal worden vervolgd en over de moorden die door hen zijn gepleegd zullen weinig woorden meer vuil worden gemaakt. Brazilië: misschien wel het mooiste land ter wereld maar met een politiek, justitieel en politie-systeem dat stinkt als het ergste riool. http://www.nieuws.nl/682963 . Add Comment Notities aan zee 02/05/2012
De dagen strekken zich eindeloos uit. Als de groen-blauwe oceaan die voor hem ligt. Niets dan het ruisen van de golven en een enorme hitte die zijn ogen zwaar maken. Weer een dutje doen? Nee. Hij ligt op een dunne matras, op een stenen bed , een kussen ondersteunt zijn schouders, op een ander rust zijn hoofd. Door de half openstaande deur kijkt hij naar buiten, een lichte bries beweegt het laken en streelt zijn gezicht. Hij verbaast zich. had hij de zee al een tijdje niet gehoord of was hij weer even ingedommeld? Ik verveel me, bedacht hij, alleen nog een of andere volkomen ongeloofwaardige uberliteraire roman om te lezen. Bittere bloemen. Hoe verzin je het? De aanstellerige en snobistische stijl van de in Vlaanderen wonende Nederlandse schrijver deed vermoeden dat deze zijn hele leven achter een bureau had gezeten, kauwend op een pen, in een constante poging om zoveel mogelijk erudiete woorden in zijn boeken te verwerken. Is dit het soort literatuur waar gerenomeerde critici zo opgewonden van raken? Had hij het daarom gekocht? Vermoedelijk wel maar nu het boek hem meer vermoeide dan dat het lezen ervan vermaak opleverde baalde hij dat hij niet naar de verkoper had geluisterd die hem op een of andere, tijdens zijn leven onbekend gebleven Rus had gewezen- ongetwijfeld beter dan dit gekunstelde gedrocht. Hij zuchte door zijn neusgaten, wantrouwde een scheet, en liep naar het toilet waar hij zich afvroeg of zijn eigen boek, dat zijn tweede druk druk nog moest beleven, zoveel slechter was dan dit verhaal over een oude man en een meisje. Stukken leesbaarder; in elk geval. Meer inhoud ook. Terug van het toilet pakte hij het boek weer op. Pagina 161. ´Zoals hij van zijn orchideën de nomenclaturen kan verdragen als latijnse madrigalen...´ Flikker toch op pedante ouwe lul. Hij klapte het boek dicht met zijn linkerhand, keerde het naar de kaft en legde het mismoedig weg. Gedachten. Associaties. Verveling. Hij dacht na. Was dit nu het soort nietsdoen dat hij in Nederland verheerlijkte als tropenloomheid terwijl het hem nu bij de strot greep? De zee is ook niet alles. Het eeuwige geluid is als verdriet en schuldgevoel; eerst oppermachtig en allesoverheersend, daarna raak je eraan gewend. soms verstomt het, waarna het in alle hevigheid terugkeert. Arempebe, Brasil Moord in het hotel 01/21/2012
Moord en doodslag in Brazilië; het blijft een ongelooflijk verhaal. Het is een dagelijks terugkerend gespreksthema, zoals we in Nederland praten over het falen van de politiek. ´We worden genaaid, we weten het allemaal, maar wat kan je er aan doen.?´ Je schouders ophalen en doorgaan. Dat hebben de mensen in alle landen met elkaar gemeen. Toch had ik daar vanochtend even moeite mee. Ik opende de zware luiken van de kamer van mijn hotel met uitzicht op de Praça de Se en zag beneden op het plein een batterij politie. Nu is dat in Salvador niet echt bijzonder: voor het hotel, in de schaduw van de bomen, staat 24/7 een politieauto waarbij twee agenten in cremekleurige uniformen en donkerbruine kogelvesten, geduldig als standbeelden, de wacht te houden. Echter, nadat ik wat verder helde over de enorme vensterbank, zag ik beneden ook twee reportageauto´s van TV Bahia staan. Zeker een item aan het maken? Maar waarover? Ik had zin een koffie, een suco van de maracuja en een broodje en besloot te gaan ontbijten. Bij het hek bij de receptie zag ik de eigenaar staan: ongeschoren en met een bezorgd en geschrokken gezicht. Op mijn vraag wat er aan de hand was verwees hij descreet naar de vrouw achter de balie van de receptie. Een moord in het hotel vannacht. Of beter gezegd: doodslag. Een man, met paspoort ingecheckt, had een hoertje opgepikt, drugs met haar gebruikt en de dingen gedaan die mannen met hoeren doen en daarna was het gruwelijk mis gegaan. Ze werd gewurgd gevonden in het toilet met om haar nek een witte handdoek van het hotel. Ik had van het misdrijf niets meegekregen, schrok in eerste instantie niet eens, schudde mijn hoofd en liep de steeg in waar nog steeds driftig werd gefilmd. Tijdens mijn wandeling drong het plotseling tot me door dat in het holst van de nacht er iemand op mijn deur had geklopt, iets had gezegd of geroepen waarvan ik de strekking niet begreep - ook niet wilde begrijpen - en de onbekende toeschreeuwde mij met rust te laten omdat ik wilde slapen. Poha! Had er vannacht een killer op mijn deur geklopt? De man die hier geen zeis maar een handdoek had gebruikt. Ik vatte hetgeen zich in het hotel had afgespeeld, een verdieping lager en aan de andere kant weliswaar, nu wat minder luchtig op. Dichtbij. Fucking hell. Godverdomme. Later, terug op mijn kamer, bekeek ik de gemaakte reportage met interviews van TV Bahia. Huilende vrouwen in de steeg. Onwerkelijk gevoel. ´We hadden haar nog zo gewaarschuwd. En hoe moet het nu met haar dochter?´ Uit het open venster dringen straatgeluiden door. Een feestelijke samba schalt over het plein. s´Avonds drinken we met bekenden een biertje op loopafstand van het plaats delict. Een verward meisje met een dik gezicht van het huilen komt voorbijlopen. Zestien jaar en zwanger. Sinds vannacht geeft ze geen moeder meer. Back to Brasil 01/05/2012
Een week onderweg. Van een koud en winderig station in Ermelo met de trein naar Schiphol om uiteindelijk via tussenstops in Parijs in Rio rond het middaguur in Salvador aan te komen. Verschil met Rio: tien graden. Verschil met Nederland: 25. Op het vliegveld werden we verwelkomd door Belle en haar strontvervelende, jankerige diabolische kind en Luan, het zoontje van een oude vriendin van Eliana, die mij padrinho noemt en in alles het tegenbeeld vormt van datt kleine kolerelijertje dat ze notabe naar een engel (Gabriel) hebben genoemd. Met een snorder vertrokken we voor een afgesproken prijs van 70 rs naar het historische centrum . Nadat we bagage naar onze kamer hadden gebracht was het tijd om ergens te gaan lunchen wat tegelijkertijd een prima excuus vormde voor het eerste koude biertje wat onmiddellijk smaakte naar meer en waarom zouden we onze terugkeer niet direct gaan vieren met nog wat meer bier en gravinho in Pelourinho? Het was wat vroeg maar we hadden het na de lange reis wel verdiend. In de oude stad leek alles op het eerste gezicht hetzelfde gebleven: de lome sfeer in de middag, en iedereen vroeg aan het bier. Toch was direct ook verandering zichtbaar omdat een restaurant en terras waar we graag kwamen ten prooi waren gevallen aan parkeerplaatsen. Godbetert. Nog erger was dat het terras waar ik Eliana, nu al bijna tien jaar geleden, had ontmoet was gesloten. Geen parkeerplaats maar eenvoudigweg pleite. Nieuwe eigenaar/huurder gevraagd. Gelukkig was de bar Alex, heuvel af, weer omhoog in de Rua do Carmo nog niet verdwenen. De pleisterplaats voor de hardcore drinkers van de stad had gelukkig het hoofd boven water weten te houden. Je zat er met een stijgingspercentage van minstens 15 procent in de straat en ik vond het altijd leuk om de toeristen naar boven te zien ploeteren terwijl wij daar koud bier zaten te hijsen. Smaakt het bier, zo vroeg ik me af nu ik er weer zat, ergens beter dan in deze vervallen stad? Aan de overkant van de straat zat een oude gringo. Ik voelde me inmiddels al zo vrij dat ik een gesprek met hem aanknoopte. Hij vertelke dat hij al vijf jaar in Salvador woonde, wat zoveel betekende dat hij er ongeveer nadat Eliana en ik waren vertrokken was neergestreken. Hij leek me het type dat lastig voor zichzelf en zijn omgeving was maar hij stemde in om samen een cachacha te drinken. We hadden een aardig gesprek waarin ik hem liet weten dat we juist vandaag waren gearriveerd waarop hij vroeg hoe lang we zouden blijven en of we al een adequaat onderkomen hadden gevonden. Een paar biertjes verder liet hij ons zijn appartement zien met hetzelfde prachtige uitzicht op de Baiao tudo dos Santos, door mij zo liederlijk beschreven in mijn boek vanuit een gehuurde pijpenla, enkele honderden meters verder op de heuvel. Er woei een heerlijke bries vanaf de baai en op het kleine terrasje van de Amerikaan had ik gelijk het idee dat we de perfecte plek hadden gevonden voor ons verdere verblijf in Salvador. Mij leek Edward bovendien een prettige gesprekspartner waarin wellicht een Somerset Maugham-achtig verhaal stak en het aanbod dat hij ons deed was alleszins redelijk. Echter: een blik op Eliana was genoeg en aan de manier waarop ze hem vertelde dat we over zijn aanbod nog even wilde nadenken wist ik dat ze de Amerikaan niet leek te mogen en zijn woning waarschijnlijk niet schoon genoeg vond om er een paar weken te verblijven. Na het onderhoud en nog een cachaca gingen we de straat weer op waarna de Amerikaan bij het afscheid tussen neus en lippen door liet weten dat mocht hij diezelfde avond iemand tegenkomen die zijn gastenverblijf direct wilde huren het aan onze neus zou voorbijgaan. Die opmerking deed vermoeden dat Eliana met haar eerste indruk hem beter had ingeschat dan ik, maar ja ik had me dan ook al snel aangepast aan de plaatselijke gewoonten om, zeker na het vallen van de avond, niet geheel nuchter meer te zijn. We wandelden terug over Pelourinho richting de Praça da Sé waar we onderweg nog een uurtje of wat bleven hangen bij een van de mobiele tentjes op de Terreno de Jesus om de avond af te sluiten met een paar caipirinha. Een goed begin, ook van je vakantie, is toch halve werk. Zat, moe en voldaan vertrokken we rond middernacht naar het hotel, waar Belle met Luan en Gabriel al een tijdje lagen te slapen. Salvador: vuil, heet, armoedig, bezopen gevaarlijk en luidruchtig. Maar hoe heerlijk is het om terug te zijn. Doekle Terpstra 11/06/2011
Bij de totale ontmaskering van het CDA , de afgelopen week, speelde hij een kleine rol maar toch viel weer even zijn naam in een reportage over het Mauro-congres. Ik heb het over Doekle Terpstra. Volgens de partycoryfee was de aangenomen resolutie 'een massief signaal dat de achterban een andere politieke koers wil'. En andere politici, vermoed ik. Terpstra: nog steeds schud ik mijn hoofd wanneer ik zijn naam lees, roep ik keihard klootzak in de auto wanneer ik dat benepen accent en dat arrogante toontje van hem op de radio hoor, en weet ik niet hoe snel ik weg moet zappen wanneer hij met zijn masker van stuitende christelijkheid weer eens op televisie is. Doekle Terpstra is bij uitstek het type politicus waar ik een bloedhekel aan heb. Hij is van het soort dat zich alleen voor een zaak of persoon in zal zetten wanneer er publiciteit voor hem valt te behalen. Ik weet waar ik het over heb: ik heb hem een keer ontmoet. Die lul. Op een zaterdagmiddag in januari 2007 was hij aanwezig op een publieksdag voor mensen die een project in ontwikkelingssamenwerking wilden opzetten. Ik sprak hem daar aan terwijl hij wat rondkuierde en wilde met hem praten over de de plannen van het CDA over ons immigratiebeleid. Balkenende IV was in de maak en ik leed in die dagen onder het feit dat de strenge regels het onmogelijk maakten om samen in Nederland met mijn Braziliaanse vriendin te leven. Een andersoortig Mauro-dramaatje. Maar dan zonder publiciteit. Mijn eigen lobby. En altijd goed voor politici om te weten wat er speelt bij de kiezers, dacht ik, en begon op een vriendelijke manier een gesprek. Nooit zal ik die ijskoude blik van hem vergeten terwijl hij antwoordde dat hij geen tijd had om daarover te praten waarna hij zich bot omdraaide om zijn weg te vervolgen. Zo leer je de volksvertegenwoordigers wel kennen. Ik was woedend. Wat had ik die man die middag graag een schop tussen zijn kloten gegeven als vergelding voor mijn vernedering. Gelukkig wiste ik me te beheersen maar hoe heerlijk om nu, bijna vijf jaar later, te zien dat die groene ballon van naastenliefde wordt doorgeprikt en dat we af stevenen op een christen democratisch afscheid. Verdonk 10/22/2011
Een dag na het Libische lynchpartijtje maakte Rita Verdonk bekend dat zij uit de politiek stapt. In dit geval ben ik geneigd te geloven dat toeval niet bestaat. Sinds haar opkomst in 2003 heb ik dat gewetenloze secreet oprecht gehaat en in mijn wanhoop soms ook een geweldadig einde gegund als Kadhafi. Maar nu ze verbannen is naar de anonimiteit, een minstens zo erge straf voor de ex-minister, kan ik daar ook wel weer vrede mee hebben. Verdonk en Kadhafi: Beiden verslaafd aan de macht en er kleefde bloed aan hun handen. Kadhafi: Satan zelf. Verdonk? Occulte aartsengel. Zouden er bij de tranen die Verdonk tijdens haar huilbuien de afgelopen weken heeft gelaten ook nog enkelen zijn geplengd voor de elf slachtoffers van de brand in het cellencomplex op Schiphol-Oost op 27 oktober 2005? Verdonk en Donner werden destijds dood door nalatigheid verweten maar de Hoge Raad besloot het duo niet te vervolgen. De afloop van dat drama typeert het meedogenloze karakter van Verdonk voor mij het meest. Zij voelde zich niet verantwoordelijk voor de gang van zaken en begon, een maand later, doodleuk met uitzetten van de illegalen die de brand hadden overleefd. Wrang detail: een slachtoffer, de Libiër Lofti Al Swae Al Swaiai zat volkomen onterecht vast op Schiphol. Hij had een visum voor de Schengen-landen en was in bezit van een geldig retourticket. Een Haagse rechtbank veroordeelde de Nederlandse Staat destijds tot het betalen van een boete van 847 euro. 77 euro voor iedere dag dat de man onterecht had vastgezeten (..) Rita was het een zorg. Heeft nog steeds nergens spijt van. Ze ging over lijken om haar doel te bereiken. Dat de Nederlandse kiezer haar uiteindelijk heeft doorzien geeft hoop voor de toekomst. Nog een hol vat te gaan. Bernard Traven 09/30/2011
Een van mijn favoriete schrijvers, Bernard Traven, schreef in 1929 het fascinerende boek 'The white Rose'. Ik las het vele jaren terug maar herinnerde mij onlangs vaag enkele briljante opmerkingen over het kapitalisme in het algemeen en het opzettelijk veroorzaken van een crisis voor extreem financieel gewin. Ik kocht via internet een Engelse uitgave uit 1980 en was opnieuw verrast door Traven zijn rake typeringen over ons zieke systeem waarvoor de propaganda nu al ruim eeuw zo uitstekend werkt dat mensen oprecht blijven geloven dat we er het beste mee af zijn en het daardoor maar in stand moeten houden. De mens is immers slecht, dat zal altijd wel zo blijven, we blijven in leven van het wisselgeld dat de pervers rijken ons ons toewerpen, en kom, wij mogen niet klagen: is het immers niet altijd zo geweest? Zieke shit. Zo ziek dat je er het liefste helemaal niets mee te maken wil hebben maar dan dient het dilemma zich aan dat je geld nodig hebt om je aan het systeem te onttrekken. Dat lag voor sommigen vroeger anders. Traven beschrijft het beeld van een hacienda (Rosa Blanca) in Mexico, eeuwenlang in handen van dezelfde familie. waar honderden mensen onder leiding van een 'godfather' tevreden woonden en werkten, totdat een olieboer uit Amerika ontdekt dat de grond waarop de Indianen leven rijk is aan olie. De beschreven gebeurtenissen die zich na deze ontdekking afspelen zijn een magnifieke blueprint voor de afhandeling van gewenste transacties door machtige mannen om hun hebzucht te bevredigen. De link naar de huidige crisis is eenvoudig te leggen en het boek werkt uitermate verhelderend om je te laten zien wat er op het moment in de wereld van het grote geld plaatsvindt: 'Economische crisissen worden niet geproduceerd door bovennatuurlijke en mystieke machten. Het gaat als volgt: een individu of een groep individuen verstoort op gewelddadig wijze het geordende economische leven voor een groot financieel gewin. De economie gaat normaliter rustig en kalm zijn gang en verloopt zonder paniek die altijd pas dan komt wanneer deze kunstmatig wordt geproduceerd. Fluctuaties komen en gaan maar kunnen geen intense crisis veroorzaken. Het kapitalistische systeem is helemaal niet zo chaotisch als het zich meestal voor wil doen komen. Kapitalisten maken fouten maar het zijn geen idioten. Het is een economisch systeem, een economische orde, in het leven geroepen door mannen die laten zien dat ze een enorme intelligentie bezitten maar ondanks de slimme trucs en constructies die ze hebben gecreëerd nog steeds behoren tot de primitieve en ongeciviliseerde mens – in zoverre het gaat om een weldoordacht economisch systeem' (eigen vertaling) Rutte 08/31/2011
Mark Rutte: blijmoedig liberaal. Lacht als de vrolijke, jonge voorganger van de hervormde kerkgemeenschap. Geloof hem maar, alles komt goed. Als we maar willen met zijn allen. Het beste beentje voor. Niet zo somber doen. Dat soort taal. Rutte:een poseur. Spéélt de rol van minister-president Met de handjes in de zakken uitstralen dat hij plezier heeft in wat hij doet. Kijk hem eens genieten. Die jongen leeft zijn jongensdroom. Zijn moeder is maar wat trots en prijst hem uitbundig wanneer hij komt eten en de was brengt. Die Mark. Heeft het ver geschopt. Ik word altijd een beetje moe van dat beeld van Rutte. Die geweldige ondernemerszin die ervan spat. De perfecte voorman van entrepreneurs die met mooie praatjes de smerige werkelijkheid van zelfverrijking verdoezelen onder het mom van de vooruitgang. Maar een land is geen onderneming waar het alleen maar draait om de winst voor de aandeelhouders en waar je populistisch kunt saneren. Waar je met ' tongue in cheek' met alles denkt weg te komen en nooit geen hand in eigen boezem hoeft te steken. De stijl van de premier leek aanvankelijk prettig en verfrissend maar zijn optreden blijkt uiteindelijk niet meer te zijn dan een gekunstelde manier om zijn gebrek aan ervaring, empathie en inzicht te verbloemen. Aardig politicus, geen staatsman. l Breivik 07/28/2011
Wie wind zaait, zal storm oogsten. Zouden we ooit echt een clash krijgen tussen links en rechts? Een burgeroorlog? Wie de reacties leest van gekkies op de absurde, bizarre gebeurtenissen van de afgelopen week zou haast denken van wel. Gekkies, reaguurders: ze staan na vorige week in een ander licht. Die Noor was er ook een, maar zoals nu blijkt, wel van een heel extreem kaliber. Wat heet. Dit is zo'n voorbeeld van waar de werkelijkheid fictie weer eens rechts inhaalt. Hoe moet je dit plaatsen? Ik heb het ernstige vermoeden dat de volgende zinloze, narcistische moordpartij een nog hoger aantal slachtoffers zal eisen. De mens wil altijd meer. Vage oorzaken zijn er wel aan te wijzen maar om ze te benoemen heeft weinig zin. De geest is al uit de fles. Politiek gezien kan de Noorse orgie van geweld nog wel eens goed uitpakken. Zelfs onze Limburgse volksmenner zal toch wel enigszins geschrokken zijn en wellicht zijn toon willen matigen. De mondiale leider van de anti-moslimbeweging weet als geen ander dat geweld contraproductief werkt. Voorbeeld? Wilders profiteerde maximaal van de de moord op Fortuyn omdat de kogel van links kwam. Met een salvo van rechts hebben beide extremen nu hun monster gebaard. Dood of de rede? De toekomst zal het leren. Wilhelmus 05/18/2011
Na de verloren WK-finale vorige zomer schreef ik al eens een blog over ons volkslied en ook nu is onze nationale hymne het lijdende voorwerp. Aanleiding deze keer is een publicatie in de Staatscourant, die einde vorige maand melding maakte, dat de Regeling inburgering wordt gewijzigd. Jawel, minister Donner heeft besloten dat het voor inburgeraars voortaan ook nodig is om te weten dat het Wilhelmus het nationale volkslied van Nederland. Driemaal houzee voor Hein! Vanaf 1 juli 2001 mag dat buitenlandse gaaies, die profiteurs die van over de hele wereld een plekje in ons prachtige vaderland hebben weten te veroveren niet meer onwetend zijn over het feit dat we, net als ons koningshuis, eigenlijk gewoon Duitsers zijn en dat we eigenlijk al veel eerder in de geschiedenis heulden met onze bezetters, Daar zijn we trots op en dat moet iedereen weten. Het zal leiden tot verdere verheffing van ons land dat dan wel wat verkleurd is maar wij blijven ons vaderland wel trouw tot in den dood. En als je ons volkslied niet kan herkennen en geen 'toelichting kan geven op de rol die het volkslied speelt in het leven van Nederlanders' dan donder je maar op naar je eigen land oftewel dan ben je het niet waardig om dit land als onderdaan te dienen en de Nederlandse nationaliteit te verkrijgen. Donder, die Donner is aardig bezig maar ik vind het nog wat te slap. Dat deuntje herkennen is toch niet goed genoeg man, een toelichting geven gaat er al op lijken maar waarom verplichten we die nieuwkomers gewoon niet om al die vijftien coupletten uit uit hun hoofd te leren. Je kunt niet voorzichtig genoeg zijn. Checken of je wel goed volk binnen krijgt en is er geen beter bewijs van goede wil als je het hele volkslied mee kunt zingen. Ja toch? Tjonge, en wat een prachtig koor zal dat niet zijn? Al die ontheemden uit al die landen die ons prachtige lied uit volle borst meezingen. Nog wat duiding van ons volkslied. We zijn er zeker op vooruit gegaan sinds 1932 toen het Wilhelmus de plaats in moest nemen van een lied van Tollens. . Dat waren nog eens tijden. Recht voor zijn raap. Misschien droomt Donner er wel van en kan hij het kabinet ervan overtuigen om het Wilhelmus voor een tijdje te ruilen.Tot we de boel op orde hebben, zeg maar. PVV steun gegarandeerd. Uit volle borst dan : couplet 1. H Tollens Cz. (1780-1856) 1 Wien Neerlandsch bloed in de aders vloeit, Van vreemde smetten vrij, Wiens hart voor land en koning gloeit, Verheff' den zang als wij: Hij stell' met ons, vereend van zin, Met onbeklemde borst, Het godgevallig feestlied in Voor vaderland en vorst. / |